De opleidingen Junior Engineer Sprinklertechniek en Engineer Sprinklertechniek zijn opleidingen die de theoretische basiskennis bijbrengen, voor het ontwerpen van een sprinklerinstallatie, op basis van de Europese norm NEN-EN 12845 & NEN 1073. Deze opleidingen zijn in basis bedoeld voor werknemers bij een installatiebedrijf met één van de volgende taken:

  • Calculatie;
  • Ontwerpen;
  • In bedrijf stellen;
  • Certificeren.

De opleidingen kunnen ook gebruikt worden om kennis te vergaren over sprinklertechniek, voor het uitvoeren van een andere functie zoals consultant/adviseur brandveiligheid, toetser bij de overheid, of een andere functie waarvoor deze kennis noodzakelijk is.

Varianten

De opleiding en het examen bestaat in basis uit twee varianten. De variant Junior Engineer Sprinklertechniek en de variant Engineer Sprinklertechniek. Echter bieden we ook nog een combinatie opleiding aan, die opleidt voor beide voorgaande examens. Daarmee komen we uit op de volgende 3 varianten:

Nieuwe methodiek

De opleidingen Junior Engineer Sprinklertechniek en Engineer Sprinklertechniek geven invulling aan de beroepscompetentieprofielen die door de Federatie Veilig Nederland – VSI zijn opgesteld voor het CCV. De beroepscompetentieprofielen dienen als basis voor de opleidingen.

De opleidingen zijn opvolgers van de opleidingen aankomend sprinklertechnicus en sprinklertechnicus. Bij deze omzetting, is er overgestapt van traditionele eindtermen naar beroepscompetentieprofielen.

Inhoud

De inhoud van deze opleidingen bevat, onder andere, de volgende onderdelen:

Gevarenklasse

De engineer moet op basis van het gebruik van een ruimte, de aanwezige inventaris, inclusief verpakking en de wijze van opslag, kunnen bepalen welke gevarenklasse er van toepassing is op die ruimte. De gevarenklasse is het startpunt voor het ontwerp en is de link tussen het aanwezige potentiele brandscenario en de hierbij passende sprinklerinstallatie. Factoren die hierbij van belang zijn:

  • Samenstelling van materialen, dus of het wel of geen kunststoffen zijn, of zelfs schuim-kunststoffen;
  • Opslagconfiguratie en opslaghoogte.

Ontwerpen

Men moet een ontwerp van een sprinklerinstallatie kunnen maken, op basis van een uitgangspuntendocument (UPD). Het ontwerpen van een sprinklerinstallatie is een integraal onderdeel van de opleiding.

Hier horen onder andere de volgende aspecten bij:

  • Het plaatsen van de sprinklers;
  • Het ontwerpen van het leidingverloop;
  • Het plaatsen van appendages;
  • Ontwerpen van de watervoorziening;
  • Het maken van een P&ID.

Hydraulisch berekenen

Een ontzettend belangrijk, maar ook complex onderdeel van het realiseren van een sprinklerinstallatie is het hydraulisch berekenen. Met een hydraulische berekening wordt er voor gezorgd dat het leidingontwerp zodanig is, dat er voldoende druk en volume uit de sprinklers komt. Hierbij wordt gestreefd naar enerzijds efficiëntie, door niet te grote leidingdiameters toe te hoeven passen, en anderzijds niet teveel weerstand in de leidingen, waardoor de druk of het volume niet gehaald kan worden.

In de praktijk worden dit soort berekeningen meestal met software op de computer gemaakt. Maar tijdens de opleiding moet de cursist dit soort berekeningen met de hand kunnen maken. Deze berekeningen worden door de meeste cursisten als zeer complex ervaren. 

Bouwkundige aspecten

Hoewel een sprinklerinstallatie een werktuigbouwkundige installatie is, heeft de installatie ook raakvlakken met andere disciplines, zoals de bouwkundige aspecten. Een sprinkler kan niet zonder bepaalde bouwkundige voorwaarden, zoals brandwerende wanden, maar ook de bouwkundige ophanging van de sprinklerinstallatie. 

Regelgeving, gelijkwaardigheid en normen

In Nederland is het inzetten van een sprinklerinstallatie geen standaard onderdeel van de regelgeving. Dat maakt dat we drie aspecten binnen de regelgeving moeten kennen. De standaard wetten en AMVB’s, waar sprinkler in basis niet in voorkomt. Het gelijkwaardigheidsbeginsel, waarmee wettelijke eisen uitgewisseld kunnen worden met de toepassing van een sprinklerinstallatie. En als laatste de normen, voor het ontwerpen en realiseren van de sprinklerinstallatie zelf.

Basis brandfysica

Zoals bij elke opleiding op het gebied van brandveiligheid, is het van belang om een gedegen basiskennis te hebben van brand, en dus brandfysica. Kort gezegd is brandfysica de natuurkundige basis van brand.

Binnen brandfysica horen aspecten zoals:

  • Branddriehoek;
  • Brandvijfhoek;
  • Warmtetransportmechanismen;
  • Brandstof- en ventilatiebeheerste brand;
  • Brandontwikkeling;
  • Pyrolyse;
  • Flashover;

Het is belangrijk om begrip te hebben van deze natuurkundige basisprincipes om te begrijpen hoe en waarom een sprinklerinstallatie werkt.

Opbouw en werking van de sprinklerinstallatie

Een sprinklerinstallatie is een automatische brandbestrijdingsinstallatie, die een brand beheerst en zo mogelijk blust met water.

Een sprinklerinstallatie bestaat, onder andere, uit de volgende onderdelen:

  • Sprinklers;
  • Leidingen;
  • Alarmklep;
  • Afsluiters;
  • Keerkleppen.

Een sprinklerinstallatie bestaat uit sprinklers die zijn aangebracht op specifieke plaatsen, zoals onder het dak of tegen het plafond en zo nodig in stellingen en onder obstructies.

Deze sprinklers zijn gekoppeld aan een leiding-werk dat onder druk staat.

Zodra het gevoelige element van de sprinklers voldoende lang wordt blootgesteld aan de aanspreektemperatuur, treden de sprinklers in werking en sproeien ze water op de onderliggende brandhaard. Dit gebeurt dan in de nabijheid van de brand. Door het  openen van een sprinkler valt de druk in het leidingwerk weg en wordt de watertoevoer automatisch geactiveerd. Bij een kleine brand zal slechts één sprinkler openen. Als deze ene sprinkler de brand niet direct onder controle krijgt, openen er meer sprinklers. Afhankelijk van de branduitbreiding openen zich meer sprinklers, totdat er dusdanig veel water op de brandhaard wordt gebracht dat de brand niet verder kan groeien. De brand is dan onder controle gebracht.

principeschema

Soorten sprinklerinstallaties

Er zijn verschillende soorten sprinklerinstallaties. Afhankelijk van de omstandigheden en doelen, kiezen we voor een van de volgende sprinklerinstallaties:

  • Natte sprinklerinstallatie;
  • Droge sprinklerinstallatie;
  • Pre-action sprinklerinstallatie;
  • Deluge sprinklerinstallatie.


Natte sprinklerinstallatie

Bij een natte sprinklerinstallatie is al het leidingwerk gevuld met water onder een druk van 6 tot 10 bar. Een met water gevuld leidingwerk heeft als voordeel dat de sprinklerinstallatie direct water geeft na het openen van een sprinklerkop.

Droge sprinklerinstallatie

Bij een droge sprinklerinstallatie is het leidingwerk benedenstrooms (‘achter’) van de alarmklep gevuld met lucht of stikstof. Hierdoor kun je deze sprinklerinstallatie gebruiken bij zeer lage en hoge temperaturen. Bij het aanspreken van een sprinkler valt de luchtdruk weg. Door het wegvallen van de luchtdruk, opent de alarmklep zodat water in het leidingnet wordt toegelaten.

Pre-action sprinklerinstallatie

Bij een pre-action sprinklerinstallatie is al het leidingwerk gevuld met lucht of stikstof. Naast het aanspreken van een sprinkler vindt echter ook detectie plaats vanuit een detectiesysteem, voordat de blussing plaatsvindt.

Deluge sprinklerinstallatie

De letterlijke betekenis van het woord deluge is ‘zondvloed’. Bij een deluge systeem zijn de sprinklers open, dus zonder dat er eerst een thermische activering nodig is. Als de alarmklep na detectie wordt geopend, geven alle sprinklers die door deze alarmklep worden gevoed gelijktijdig water.